Loyalis maakt gebruik van cookies. De website wordt hierdoor relevanter en persoonlijker en we kunnen u zo relevante informatie en aanbiedingen tonen op onze website. Klikt u hieronder op ‘ja’ dan accepteert u alle cookies. Kiest u voor nee, dan plaatsen wij alleen functionele en analytische cookies. Lees hier meer over ons cookiebeleid. Als u verder gaat op onze site zonder een keus te maken, dan gaat u akkoord met het plaatsen van alle cookies.

Gezonde lifestyle is veel vanzelfsprekender geworden op Don Bosco in Haarlem

Mirjam Vrijhoef: ‘De kinderen die niet ontbijten pik er zo uit’

In de klas van Mirjam Vrijhoef, docent op basisschool Don Bosco in Haarlem-Zuid, staat op elk tafeltje een bidon met water. Ernaast ligt een banaan, appel of mandarijn. ‘De afgelopen jaren is een gezonde lifestyle hier veel vanzelfsprekender geworden.’

Vrijhoef was vanaf het eerste uur de kartrekker van de Gezonde School-methodiek op Don Bosco. ‘In 2012 kregen we van de GGD cijfers waaruit bleek dat onze kinderen vaker dan gemiddeld overgewicht hadden. Dat kwam voor ons niet echt als een verrassing; we zijn gevestigd in een gemengde wijk waar niet alle kinderen van hun ouders meekrijgen dat bewegen en gezond eten goed voor je is. De kinderen die ’s ochtends niet ontbijten pik ik er zo uit; die zijn halverwege de ochtend hangerig en geeuwen veel.’

Hoge werkdruk in het basisonderwijs zorgt voor scherpe keuzes

Hoewel de GGD-cijfers dus niet verrasten, brachten ze de medewerkers van Don Bosco wél in beweging. ‘We voelden meteen de noodzaak om iets te gaan doen’, vertelt Vrijhoef. ‘De Gezonde School-methodiek sprak ons aan omdat we daarmee konden aanhaken op wat we al deden. Ik was toen vakdocent gymnastiek en wilde graag de voortrekkersrol op me nemen. ’ In de opstartfase kreeg Vrijhoef ondersteuning van de GGD. ‘In een prioriteitenworkshop kozen we onze thema’s: Gezonde voeding, Sport & bewegen en Sociaal welbevinden. Ik vond het erg prettig dat ik niet zelf alles hoefde uit te leggen aan mijn collega’s. Dat deed de GGD-medewerker in de workshop.’

Bij Don Bosco stond sport altijd al hoog op de agenda. Daarom besloot de school om als eerste het certificaat Sport & Bewegen te bemachtigen. In de jaren daarna konden ook de certificaten Gezonde voeding en Sociaal welbevinden aan de muur worden gespijkerd. ‘We houden het bij deze drie omdat ze inhoudelijk goed bij ons passen en we onze tijd gericht willen besteden. Hoge werkdruk dwingt nu eenmaal tot scherpe keuzes. Bovendien moet je de certificaten wel kunnen waarmaken in je lesmethodes, met extra activiteiten en voedingsbeleid. We financieren de werkzaamheden met subsidie en het budget voor niet-lesgebonden taken, maar dan nóg moeten er eigen uren bij.’

Fanatieke sporters dankzij de Gezonde School Methode

Soms dacht Vrijhoef als kartrekker wel eens: waar doe ik het voor? Dat waren de momenten waarop de ouderbetrokkenheid tegenviel, of er weinig animo onder collega’s was voor extra activiteiten. Dit neemt niet weg dat er mooie resultaten zijn geboekt in de afgelopen jaren. Vrijhoef somt op: ‘Het drinken van water in de klas is inmiddels normaal geworden. Groep zes, zeven en acht gaan naar schoolzwemmen. Eind vorig jaar haalden zelfs negen kinderen hun zwemdiploma! Dit jaar wonnen drie schoolteams de regionale schoolkampioenschappen basketbal, voetbal én volleybal. Dat deze jongens zich op school hebben ontwikkeld tot fanatieke sporters, geeft mij voldoening. Soms wordt ons iets leuks aangeboden door een partner van de Gezonde School. Zo genieten we nu van twintig weken gratis schoolfruit.’

Niets afdwingen bij de ouders

Schoolfruit is een onderwerp waar je ouders goed bij kunt betrekken, is de ervaring van Vrijhoef. ‘We willen bij ouders niets afdwingen, maar kunnen het bewustzijn wel een zetje geven. Dat doen we met bijeenkomsten, flyers, nieuwsbrieven en de website. Met schoolfruit brengen we bijvoorbeeld het belang van gezonde tussendoortjes weer even onder de aandacht van ouders. Voor ons werkt deze aanpak, die overigens ook wordt ingegeven door de hoeveelheid tijd waarover we beschikken.’ Voor Vrijhoef is de grootste succesfactor van de Gezonde School een kartrekker. ‘Dat is degene die voortdurend aan het agenderen en coördineren is om het thema op het netvlies te houden bij collega’s en ouders. Dat vraagt de methodiek ook van je. Doe je dat niet, dan heb je kans dat de vignetten na drie jaar niet worden verlengd.’

Nieuwe ideeën

Binnenkort geeft Vrijhoef het stokje door aan een team van drie collega’s, en verruilt zij Don Bosco voor een andere school. ‘Ik hoop dat het nieuwe team het anders gaat doen dan ik. Om de Gezonde School levend te houden, moet je voortdurend met nieuwe ideeën komen.’ Is de toekomstige werkkring van Vrijhoef al bekend met de Gezonde School? Lachend: ‘Nee, daar liggen de prioriteiten op dit moment anders. Maar wie weet pak ik het daar later weer op.’